Over de Auteurs: Bram van Ruijven

Begin mei heeft de Europese Commissie richtlijnen gepubliceerd die moeten verduidelijken hoe de bestaande EU-regelgeving (o.a. de compensatieverplichtingen van luchtvaartmaatschappijen aan passagiers) moet worden toegepast. Dit naar aanleiding van het conflict in het Midden-Oosten, welk conflict heeft geleid tot verstoringen in de energievoorziening (hoge brandstofprijzen en tekorten).

In dit artikel wordt allereerst ingegaan op wat er volgt uit de huidige Europese Verordening. Vervolgens wordt uiteengezet wat de richtlijnen inhouden en tot slot welke gevolgen dit heeft voor luchtvaartmaatschappijen.

Verordening (EG) nr. 261/2004

De Verordening (EG) nr. 261/2004 beschermt de rechten van passagiers met betrekking tot compensatie, verzorging en terugbetaling bij verstoringen in de luchtvaart, zoals vertraging, annulering of instapweigering van een vlucht. In de Verordening wordt aangegeven welke rechten een passagier heeft. Tevens geeft de Verordening verduidelijking over de verplichtingen van een luchtvaartmaatschappij.

Voor annulering van een vlucht geldt dat een passagier het recht heeft te kiezen tussen terugbetaling van het vliegticket of omboeking naar een andere vlucht, en daarnaast recht heeft op bijstand op de luchthaven. Indien de annulering plaatsvindt binnen 14 dagen vóór de geplande vertrektijd, heeft de passagier in beginsel tevens recht op compensatie. Dit is anders indien de annulering is veroorzaakt door buitengewone omstandigheden die niet voorkomen konden worden, ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen door de luchtvaartmaatschappij. In dat geval vervalt de verplichting voor de luchtvaartmaatschappij om compensatie te betalen.

Ter verduidelijking van het begrip “buitengewone omstandigheden” geldt dat dit omstandigheden zijn die niet inherent zijn aan de normale uitoefening van de activiteiten van een luchtvaartmaatschappij. Onder het begrip “redelijke maatregelen” wordt verstaan dat de luchtvaartmaatschappij alle maatregelen heeft getroffen die redelijkerwijs van haar konden worden verwacht om de gevolgen voor de passagiers te voorkomen, dan wel te beperken.

Hoge brandstofprijzen en brandstoftekorten

De vraag is of hoge brandstofprijzen en brandstoftekorten kunnen worden gekwalificeerd als buitengewone omstandigheid. De Europese Commissie heeft bepaald dat gestegen brandstofprijzen niet kunnen worden aangemerkt als buitengewone omstandigheid in de zin van artikel 5 van de Verordening, omdat brandstof onderdeel is van de kosten van een luchtvaartmaatschappij en dientengevolge automatisch onderhevig is aan aanzienlijke (prijs)schommelingen. De beheersing hiervan valt onder de normale bedrijfsvoering van een luchtvaartmaatschappij, aldus de Europese Commissie.

De Europese Commissie geeft verder mee dat een groot aantal luchtvaartmaatschappijen zich al indekt tegen deze schommelende brandstofprijzen. Luchtvaartmaatschappijen kunnen hier volgens de Europese Commissie op anticiperen, doordat zij de mogelijkheid hebben om deze kosten door te berekenen in de ticketprijzen, waarbij zij verwijst naar het systeem van vrije prijsvorming.

De Europese Commissie benadrukt verder dat luchtvaartmaatschappijen ticketprijzen achteraf niet mogen aanpassen om gestegen brandstofkosten te compenseren.

Hetgeen wél als buitengewone omstandigheden kan worden aangemerkt, is een lokaal brandstoftekort dat de uitvoering van een vlucht verhindert. Een dergelijk tekort is immers niet inherent aan de normale bedrijfsvoering van een luchtvaartmaatschappij. In een dergelijk geval rust op de luchtvaartmaatschappij de stelplicht en bewijslast om aan te tonen dat er een brandstoftekort was en dit ook daadwerkelijk de oorzaak is geweest van de annulering.

Gevolgen voor luchtvaartmaatschappijen

Het vorenstaande brengt mee dat het annuleren van een vlucht vanwege hoge brandstofprijzen niet kan worden aangemerkt als een buitengewone omstandigheid, terwijl een lokaal brandstoftekort onder omstandigheden wél als zodanig kan kwalificeren. Dit zal steeds per geval moeten worden beoordeeld. De richtlijnen verplichten luchtvaartmaatschappijen er dus toe hun operationele en commerciële strategie zorgvuldig af te stemmen.

Het luchtvaartteam van LVH Advocaten adviseert luchtvaartmaatschappijen bij de juridische duiding en toepassing hiervan in de praktijk. Neem gerust vrijblijvend contact op met Gentia Niesert.