< terug naar overzicht

Vorige week is de uitspraak van 4 december 2017 van de kantonrechter van de Rechtbank Oost-Brabant in de Jurisprudentie Arbeidsrecht (JAR) gepubliceerd. In deze uitspraak is  geoordeeld dat een door Ryanair Ltd. gegeven ontslag op staande voet rechtsgeldig is gegeven.

Een werkneemster met de Poolse nationaliteit weigerde structureel mee te werken aan wijziging van haar standplaats van Eindhoven naar Dublin. Tussen partijen was een arbeidsovereenkomst gesloten, waarin partijen Iers recht van toepassing hebben verklaard. Daarnaast was expliciet in de arbeidsovereenkomst opgenomen dat de werknemer altijd kon worden overgeplaatst naar een andere locatie.

Bevoegdheid Nederlandse rechtbank

Aangezien het een grensoverschrijdend geschil betrof, heeft de kantonrechter eerst beoordeeld of de Nederlandse rechter bevoegd was de zaak te beoordelen. Hoewel werkneemster slechts een klein deel van haar werkzaamheden in Nederland verrichtte, achtte de kantonrechter zich in deze bevoegd. Dit vanwege het feit dat de thuisbasis van werkneemster in Eindhoven was gelegen. De kantonrechter neemt hierbij de zwakkere partij in bescherming.

Toepasselijk recht

De volgende vraag die de rechter diende te beoordelen was de vraag welk recht op deze zaak van toepassing is. Op grond van de Rome I-verordening is vastgesteld dat Iers recht van toepassing is vanwege de door partijen gemaakte rechtskeuze. De kantonrechter heeft tevens vastgesteld dat het opnemen van een eenzijdig wijzigingsbeding en het beroep daarop door Ryanair niet in strijd is met een Nederlandse dwingend rechterlijke bepaling, zodat ook dit naar Iers recht moet worden beoordeeld.

Ontslag op staande voet

Naar Iers recht is het weigeren van een standplaatswijziging  en de weigering van werkneemster om op geplande hoorzittingen te verschijnen een ‘gross misconduct’. Op basis van de Ierse wettelijke bepalingen is dat een reden voor voor onmiddellijke beëindiging van de arbeidsovereenkomst. Het ontslag op staande voet hield dan ook stand. Alle door de werkneemster gevorderde vergoedingen zijn dientengevolge afgewezen